Viktor
Schauberger |
|
|
|
De Oostenrijkse natuurwetenschapper, uitvinder,
filosoof en boswachter Viktor Schauberger sprak zoals een indiaan de
taal van de natuur. Dankzij zijn uitstekende waarnemingsvermogen en
intuïtie begreep hij hoe sterk dieren, planten, stenen, water en bodems
met elkaar verbonden zijn. Schauberger was de eerste wetenschapper die
begreep hoe forellen tegen watervallen kunnen opzwemmen.
Water in een
natuurlijke staat laat ons zien hoe het wil stromen. We moeten die wens
respecteren,' aldus Viktor Schauberger (1885-1958). Met de natuur als
voorbeeld deed hij een uitvinding die reguliere wetenschappers met
berekeningen en formules niet konden vatten: voor het transport van
kaphout ontwikkelde hij een waterbaan waarin vers gekapte bomen, die
zwaarder zijn dan water, moeiteloos naar beneden roetsjten. Zelfs stenen
konden hierin drijven alsof het kurken waren. Onmogelijk, volgens
experts. Maar wat ze met hun eigen ogen zagen, konden ze moeilijk
ontkennen |
|
|
 |
|
|
|
Wat was het geheim van Schauberger? 'Eerst de
natuur begrijpen, dan pas kopiëren,' was zijn motto. Hij beweerde dat de
reguliere wetenschap zich op een verkeerd en gevaarlijk pad had begeven,
omdat ze bezig was de natuur te corrigeren in plaats van te imiteren |
| |
|
Natuur als leermeester |
|
Viktor
Schauberger werd in 1885 geboren in een Oostenrijkse boswachtersfamilie.
Viktor was een echte 'zoon van het bos'. Van kinds af aan was hij
gefascineerd door de natuur om hem heen. In zijn eentje zwierf hij
regelmatig hele dagen door de oerbossen rond het meer Plockenstein. Hij
observeerde het dieren- en plantenleven en van talloze bergbeekjes
volgde hij de stroom. Van zijn vader leerde hij vertrouwen op zijn
intuïtie en op hetgeen hij waarnam met zijn eigen ogen. Zo leerde hij
dingen die niet in boeken staan geschreven. Viktors vader wilde dat zijn
zoon een academische studie volgde. Maar Viktor hield het niet lang uit
op de universiteit. Hij brak zijn studie af en stapte over op de
boswachtersschool. Zo werd hij dus net als zijn vader en grootvaders
boswachter. Na zijn schoolexamen werkte hij eerst een tijdje onder
toezicht. Vlak na de Eerste Wereldoorlog kreeg hij een aanstelling als
hoofdverantwoordelijke over 21.000 ha bos in Bernerau in Steyerling. In
deze uitgestrekte, onaangetaste wildernis brak een intensieve
leerperiode aan. De waarnemingen die hij in zijn jeugd had gedaan,
werden aangevuld met wat hij hier ontdekte. |
|
|
|
Waterkwaliteit |
|
In de ongerepte bossen die Schauberger onder zijn hoede had, bestudeerde
hij de karaktereigenschappen en wetten van natuurlijk stromend water.
Hij ontdekte dat aan de oorsprong van elke beek het water een
temperatuur van vier graden Celsius heeft en dat het dan ook het zwaarst
is. Ook merkte hij op dat bij de oorsprong van beken de vegetatie altijd
het mooist en meest divers is. Zalmen en forellen leggen ook hun eieren
zo dicht mogelijk bij de oorsprong. Dit alles wees erop dat het water
bij die temperatuur de hoogste kwaliteit heeft.
Op een dag bezocht Schauberger in gezelschap van een paar oudere jagers
een afgelegen gebied in de bergen. Hier ontsprong een bron in de koelte
van een stenen hut. De jagers vertelden hem dat die hut ooit om de een
of andere reden was afgebroken. De bron kwam hierdoor in het licht en de
warmte van de zon te liggen. Tot verbazing van degenen die de bron
kenden, was het na een tijdje volledig opgedroogd. Zover men wist, was
dit nog nooit eerder gebeurd. Iemand kwam op het idee om de stenen hut
weer op te bouwen. Dit deed men en de bron kwam hierna inderdaad weer
terug.
Schauberger herinnerde zich de woorden van zijn vader: 'Water dat
blootgesteld is aan zonlicht is moe en lui. 's Nachts daarentegen en met
name bij maanlicht, is het fris en levendig.' Ook had Schauberger zelf
gezien dat modderbanken in de rivier altijd in de vroege ochtend worden
weggespoeld. De draagkracht van het water was dan blijkbaar het grootst.
Schauberger was ervan overtuigd dat water zich met opzet beschermt tegen
direct zonlicht, om zo zijn kwaliteit en draagkracht niet te verliezen.
Volgens hem was het incident van de bron geen toeval, net als het feit
dat natuurlijke beken en rivieren altijd overschaduwd worden door
overhangende bomen. |
|
|
 |
|
water wil
kronkelende, centrerende bewegingen maken koperen
gereedschap is beter voor de grond en planten dan ijzer |
|
© foto's:
www.kopersporen.nl |
|
|
|
Tegen de stroom in |
|
'Hoe is het mogelijk dat forellen voor onbepaalde tijd bewegingloos in
de sterkste stromen kunnen liggen? De kleine bewegingen die ze zo nu en
dan met hun vinnen maken, kunnen toch nooit genoeg zijn om verankerd op
één plek te blijven,' verwonderde Schauberger zich. Ook ontdekte hij dat
vissen stroomopwaarts vluchten als ze ergens van schrikken. 'Waarom
vluchten ze niet stroomafwaarts,' vroeg hij zich af, 'dan kunnen ze toch
sneller weg zijn?' In de literatuur stond geen verklaring voor dit
gedrag. Schauberger had het vermoeden dat het te maken had met het feit
dat het beekwater stroomopwaarts kouder is. Om te testen hoe afhankelijk
vissen zijn van de watertemperatuur, deed hij de volgende proef. Hij
kende een bergbeek waarin een grote forel een vaste plek in de stroom
had. Vijfhonderd meter stroomopwaarts van de forel liet hij zijn
knechten op een afgesproken teken honderd liter opgewarmd water in de
beek gooien. Het was een grote beek met een stroomsterkte van enkele
kubieke meters water per seconde. De honderd liter warm water had
zodoende geen meetbare invloed op de watertemperatuur. Bijna direct
nadat de knechten het warme water in de beek hadden gegooid, reageerde
de forel - die tot nu toe bewegingloos in de stroom had gelegen - door
heftig met staart en vinnen te slaan. Het mocht niet baten, de vis werd
door het water meegesleept en verdween stroomafwaarts uit het zicht. Het
duurde een hele tijd voordat de forel was teruggekeerd op zijn vaste
stekje.
Schauberger beschrijft een andere waarneming als volgt: 'Tijdens een
maanverlichte nacht in de lente zat ik naast een waterval. In het
kristalheldere water kon ik de bewegingen van de vissen goed volgen.
Plotseling gingen de vissen aan de kant voor een grote forel. Het leek
alsof de forel met opzet de andere vissen had verstoord. Aan de voet van
de waterval danste hij in grote draaiende bewegingen. Plotseling dook de
forel in de waterval. Ik zag hem nog even onder een kegelvormige
waterstraal, dansend in wilde, tollende bewegingen. Halverwege de
waterval maakte hij een buiteling om vervolgens met een krachtige
staartslag het laatste stuk van de waterval te overwinnen. Eenmaal
boven, verdween de vis met rustige bewegingen stroomopwaarts. Hoe kreeg
die vis dit voor elkaar? Geen enkele wetenschapper kon mij hierop een
antwoord geven.' |
|
|
 |
|
|
|
Bloed van de aarde |
|
Schauberger had de volgende verklaring: elke rivier die op een
natuurlijke manier kan stromen en bewegen, bouwt een energiestroom op
die tegen de waterstroomrichting ingaat. Deze energiestroom houdt de
waterstroom onder controle. Het is ook deze energiestroom die vissen
gebruiken als ze bewegingloos in de waterstroom liggen en als ze tegen
watervallen op zwemmen. De vissen zoeken deze energiestroom die hen als
een soort wervelwind opwaarts zuigt. Deze energie verklaarde volgens
Schauberger ook waarom waterplanten soms stroomopwaarts wijzen. Des te
sterker ze stroomopwaarts wezen, des te beter was de temperatuur en
kwaliteit van het beekwater. Zulke bergbeken hadden vaak ook een bemoste
bedding. Zelfs na de ergste stortregens zag Schauberger dat het mos op
de stenen bleef zitten. Als het beekwater kan bewegen zoals het wil,
verklaarde Schauberger, heeft het de minste wrijving met zijn bedding.
Met de volgende proef bewees Schauberger deze theorie: hij liet water
door een rechte en door een spiraalvormige koperen buis stromen. Bij de
spiraalvormige buis ondervond het water de minste weerstand. Als je
kleurstoffen toevoegde aan het water, kon je duidelijk zien dat water in
de rechte buis de neiging had om te gaan spiralen. Alles wees erop dat
de vorm van de buis het water daarin belemmerde. Schauberger begon water
- ons levenselixer - als het bloed van de aarde te zien. |
|
|
|
Het levende water |
|
Leidingwater heeft een lange rechte weg afgelegd voordat wij het uit de
kraan tappen. Ook heeft het nog allerlei chemische reinigingsprocessen
ondergaan. Hierbij verliest het zijn energetische waarde. Maar wat
blijkt? Als water kan stromen zoals het wil, zo ontdekte Schauberger,
krijgt het zijn natuurlijke levenskracht weer terug.'Vitaal water draagt
bij aan een gezond, fit en vitaal lichaam'. Het principe van de
watervitalisator is bedacht door Schauberger om leidingwater weer
'levend' te maken. Door de wervelende beweging regenereert het water en
krijgt daardoor zijn oorspronkelijke levensopbouwende krachten terug.
|
|
|
 |
|
|
|
Levensenergie |
|
Als water op een natuurlijke manier stroomt, dus onder lage
atmosferische druk en wervelend rond stenen en door bochtige
rivierbeddingen, dan is de energetische waarde hoog. Maar ons
leidingwater heeft allerlei zuiveringsprocessen ondergaan en wordt onder
hoge druk door rechte buizen naar aftappunten geperst. Tijdens dit
proces gaat de energetische waarde bijna totaal verloren. Deze
energetische waarde kan met radiëstetisch onderzoek (wichelroede) worden
bepaald, waarbij de Boviswaarde de meeteenheid is. Wat je eigenlijk meet
is het energieveld dat elk levend organisme - mens, dier, plant, water -
om zich heen heeft. Een gezond mens heeft bijvoorbeeld een Boviswaarde
van 6500. De energetische waarde van water in bergbeken is circa 8000
Bovis, terwijl die van leidingwater slechts tussen 100 en 4000 Bovis
ligt. Vitaliseren van water brengt de energetische waarde weer boven de
8000 Bovis.' |
|
|
|
Schadelijke informatie |
|
Ook reguliere wetenschappers hebben onderzoek gedaan naar gevitaliseerd
water. Men ontdekte dat het vitaliseren van water invloed heeft op het
trillingspatroon. Boontjes: 'Iedere stof heeft een eigen
trillingspatroon, kenmerkend voor die stof. Dit is een normaal
natuurkundig gegeven. Een metaal, een pesticide of welke stof dan ook,
hebben ieder een eigen trillingspatroon. Vervuild water heeft ook een
ander trillingspatroon dan schoon water. Maar wat blijkt nu? Als
vervuild water chemisch gereinigd wordt, verandert het trillingspatroon
niet. Het trillingspatroon van de vervuiling verdwijnt wel als je het
water vitaliseert. Dit betekent dus dat gewoon leidingwater vol zit met
schadelijke informatie van vervuilende stoffen. Deze informatie werkt in
op ons lichaam als we het water drinken. Als we gezond drinkwater
willen, is chemische zuivering dus niet genoeg.' Wat betekent
gevitaliseerd water in de praktijk? Gebruikerservaringen en
onderzoeksresultaten tonen aan dat gevitaliseerd water, dus water met
een hoge energetische waarde en vrij van schadelijke trillingen, een
gezonde werking heeft. Het heeft een zuiverende en harmoniserende
werking op het lichaam: betere ontgifting, verlichting bij reumatische
gewrichtspijnen. Het kan huidklachten zoals uitslag, jeuk en roos
verlichten of verhelpen. Maar het voorkomt ook kalkafzetting in
waterleidingen en snijbloemen blijven langer mooi. Bovendien proef je
het verschil: de smaak is voller en zachter. |
|
|
 |
|
|
 |
|
|
|
'Living
Energies'.
Viktor Schauberger's Brilliant Work with Natural Energy Explained by
Callum Coats.
ISBN 0717133079 |
|
|
 |
|
|
|
Why are so many species of plant and animal disappearing?
How is it that Earth is losing more fresh water than it is
producing? What are the effects of chlorination and
fluoridation of water?
The answers to these and many more pressing environmental
questions are to be found in this remarkable book - the
first in-depth examination of the life and work of the
brilliant forester, scientist and pioneering inventor,
Viktor Schauberger.
Schauberger's insights into Nature pivoted on the essential
characteristics of water as a living and pulsating substance
that energises all of life, both organic and inorganic. He
frequently asserted, "Water is a living substance!" - an
ideal to which many philosophers have subscribed.
With his ground-breaking concepts on energy, biomagnetism
and the true function of trees, he showed how a world that
exploited its resources rather than cherishing them was
doomed to destroy itself. Above all, he demonstrated how
Nature's abundance is the result of a complex interaction of
energies that actually create matter, not the other way
around as orthodox science believes. For him energy was
primary, and physical form the secondary effect.
Scientist and architect Callum Coats spend twenty-three
years translating, collating and editing Viktor
Schauberger's books, articles and letters. The result is
'Living Energies'. He is also the translator and editor of
the four-volume Eco-technology series encompassing a large
and representative spectrum of Schauberger's work. |
|
|
Top |
|
Terug |
|
Home |
|
|
|
|
|
|
|
|
|